Tweede verblijven

Een tweede verblijf is een private woon-of verblijfgelegenheid waar, op 1 januari van het aanslagjaar, geen persoon op ingeschreven is in het bevolkings- of vreemdelingenregister én die niet tot hoofdverblijf wordt aangewend, maar wel op elk ogenblik voor bewoning kan gebruikt worden. 

Tweede verblijven worden op het grondgebied van de stad Landen geregistreerd en belast.

Aangifte

De aangifte moet jaarlijks worden ingediend door de belastingplichtige (houder van het zakelijk recht), ten laatste op 1 mei van het aanslagjaar. 

De aangifte gebeurt per beveiligde zending gericht aan het stadsbestuur aan de hand van het voorbestemde aangifteformulier dat je onderaan deze pagina terugvindt. De aangifte wordt voorzien van de nodige bewijsstukken zoals verbruiksfacturen en in voorkomend geval een huur- of verblijfsovereenkomst.

Wanneer het stadsbestuur binnen de gestelde termijn geen aangifte ontvangen heeft van de belastingplichtige, wordt de woning automatisch opgenomen in de lijst van vermoeden van leegstand van de stad.

Bij een eerste aangifte of bij een vermoeden van leegstand kan de administratie bijkomende gegevens opvragen of voert de administratie een feitenonderzoek ter plaatse uit.

Bij gebrek aan aangifte vóór 1 mei van het aanslagjaar, of in geval van onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte vanwege de belastingplichtige, wordt de belasting ambtshalve ingekohierd met toepassing van de bepalingen van artikel 7 van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van de provincie- en gemeentebelastingen.

Tarief van de belasting

De jaarlijkse belasting is vastgesteld op 1000 euro per tweede verblijf. Op de ambtshalve ingekohierde belasting zal een belastingverhoging van vijftig percent worden toegepast. Het tarief wordt jaarlijks geïndexeerd. Deze belasting geldt voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.