Opgepast voor de doornappel

De doornappel (Datura stramonium) is een giftige, eenjarige plant die steeds vaker opduikt in velden, bermen en percelen, vooral door de opwarming van het klimaat. Oorspronkelijk afkomstig uit Noord-Amerika, is deze invasieve soort nu volop in opmars in onze streken. De plant is berucht om zijn snelle verspreiding, giftigheid en moeilijkheid om te bestrijden.

Hoe herkennen?

De doornappel kan tussen 30 cm en 2 meter hoog worden. 

  • Grote, donkergroene bladeren met getande randen.
  • Witte tot lilakleurige, trompetvormige bloemen.
  • Stekelige zaaddozen met honderden zaden.
  • Groeit vooral op zonnige, droge plekken met bemeste, kalkrijke bodem.

De zaden zijn extreem kiemkrachtig en kunnen 40 tot zelfs 75 jaar in de bodem overleven. De manier om verdere verspreiding tegen te gaan is alle delen van de plant begraven op meer dan 1m diepte of verbranden boven de 1000°C. Enkel een verbrandingsoven kan dit garanderen. Daar om is het belangrijk de plant niet bij het groenafval of op de compost, wel bij het restafval te gooien.

Giftigheid

Alle delen van de plant kunnen voor zowel mens als dier leiden tot ernstige vergiftiging, vooral bij kinderen en dieren. Ook huisdieren riskeren vergiftiging bij het eten van bladeren of zaden. 

Wat moet ik doen?

  • Draag handschoenen en lange mouwen.
  • Haal eerst de zaaddozen weg en stop ze in een zak.
  • Trek jonge planten met de wortel uit.
  • Verwijder ook bloeiende planten.
  • Gooi de plant niet bij het groenafval of op de compost, wel in de restafvalzak.
  • Je kan de plant eventueel begraven op minstens één meter diepte, zodat de zaden niet meer kunnen kiemen.

Zie je doornappel langs de straat, in een berm of op een openbare plek? Meld dit aan onze stadsdiensten of stuur een mailtje naar milieu@landen.be. Onze diensten zullen de plant vervolgens veilig verwijderen. 

De plant doornappel is thermoresistent, wat wil zeggen dat de zaden van de plant hoge hitte overleven. Daarom moet de plant verbrand worden in de verbrandingsoven en sorteer je hem dus niet bij het gft, maar bij het restafval of bij het grofvuil op het recyclagepark.

Men verwerkt wel meer giftige planten tot compost, zonder gevaar dat de zaden opnieuw ontkiemen. Dit komt door de hoge temperaturen tijdens het composteringsproces. Maar de doornappel is dus bestand tegen deze temperaturen.

Voor meer info kan u terecht op milieu@landen.be.