Geboorte

Vermoeden van vaderschap

Het kind geboren tijdens het huwelijk of binnen de 300 dagen na de ontbinding of de nietigverklaring van het huwelijk heeft de echtgenoot tot vader.

Het kind geboren binnen de 300 dagen na de ontbinding of nietigverklaring van het huwelijk van zijn moeder en na een nieuw huwelijk van deze, heeft de nieuwe echtgenoot als vader.

Onderzoek vaderschap
Bij gebreke van vermoeden van vaderschap of van erkenning, kan de afstamming van vaderszijde bij vonnis worden vastgesteld.

Betwisting vaderschap
Het vaderschap van de echtgenoot kan worden betwist indien wordt aangetoond dat hij niet de vader kan zijn van het kind, tenzij het kind bezit van staat heeft ten aanzien van beide echtgenoten of deze feitelijk herenigd waren ten tijde van de verwekking.

De vordering tot betwisting van vaderschap is niet ontvankelijk wanneer de echtgenoot toestemming heeft gegeven tot kunstmatige inseminatie of tot een andere daad die de voortplanting tot doel had, tenzij de verwekking van het kind niet het gevolg kan zijn van die handeling.

Het vaderschap van de echtgenoot kan worden betwist zowel door de echtgenoot, de moeder, het kind en de vorige echtgenoot.

Aangifte van geboorte

De aangifte van geboorte wordt gedaan aan de plaatselijke ambtenaar van de burgerlijke stand (geboorteplaats van het kind).

Binnen de 15 dagen na de bevalling moet de aangifte gebeuren. Is de laatste dag van die termijn een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag, dan wordt de termijn verlengd tot de eerstvolgende werkdag.

Wie moet aangifte doen?

De aangifte gebeurt door:
- de moeder
- de vader
- beide ouders

Indien zij zich onthouden om de aangifte te doen, en de bevalling heeft plaats gehad in een ziekenhuis of andere verpleeginrichting, wordt de aangifte gedaan door de persoon die de leiding van de inrichting uitoefent. In de andere gevallen wordt de aangifte, wanneer de ouder zich onthouden heeft, gedaan door de geneesheer, vroedvrouw of andere persoon die bij de bevalling aanwezig was of door de persoon bij wie de bevalling heeft plaatsgehad.

Indien de vader niet gehuwd is met de moeder kan hij niet alleen de aangifte van geboorte doen, tenzij het kind door hen beiden werd erkend voor de geboorte.

Voor te leggen documenten

- een doktersattest
- de identiteitskaarten
- voor gehuwde ouders: het huwelijksboekje
- voor niet gehuwde ouders: indien de vader al het kind heeft erkend voor de geboorte, een afschrift van de erkenningakte.

Te ontvangen documenten

Aan de hand van de meegebrachte documenten stelt de dienst burgerzaken een geboorteakte op.

De aangever krijgt een aantal uittreksels uit de geboorteakte mee:

- een attest voor aanvraag van de geboortepremie (af te geven in de mutualiteit)
- een attest voor aanvraag van de kinderbijslag en het kraamgeld (af te geven aan de werkgever of in de compensatiekas waarbij men aangesloten is)
- attesten die men willekeurig kan gebruiken, afhankelijk van de persoonlijke situatie.

De twee eerstgenoemde attesten zijn zeer belangrijk: er kan slechts één keer één exemplaar van verkregen worden: bij verlies komt de uitbetaling van de geboortepremie en de kinderbijslag in het gedrang.

- een formulier "inenting tegen polio"
- een identiteitsbewijs voor het kind

- 10 vuilzakken per jaar (tot en met het kind 3 jaar is)

Inenting tegen polio

Deze inenting is wettelijk verplicht.
Het formulier moet door de geneesheer ingevuld worden.

Na de volledige inenting stuur je dit formulier terug naar de dienst burgerzaken.